Geboorte aangeven

Printvriendelijke versiePDF-versie

Bij de gemeente

 

Wanneer?

De geboorte van je kind moet binnen de 15 kalenderdagen aangegeven worden bij de dienst Burgerlijke stand van de gemeente waar het kind geboren is.

 

Wie?

De vader en/of de moeder van het kind kunnen de geboorte aangeven. De vader kan dit alleen als hij gehuwd is met de moeder of als hij vooraf het kind erkend heeft als zijn afstammeling. Die erkenning kan zowel vanaf de zesde maand zwangerschap als na de geboorte gebeuren. Om dit te doen, moeten de vader en moeder samen naar het gemeentehuis gaan om een authentieke akte op te maken. Je moet dan je identiteitskaart en in sommige gevallen ook een kopie van je geboorteakte voorleggen. De erkenningsprocedure kan verschillen per gemeente, daarom kun je je het best informeren bij de dienst Burgerlijke stand van jouw gemeente.

 

Welke documenten?

  • Het attest van het ziekenhuis en/of de vroedvrouw.

  • De identiteitskaart van de persoon die de aangifte komt doen.

  • Het trouwboekje (als je gehuwd bent) of de erkenningsakte (als je samenwonend bent en de vader het kind vooraf laten erkennen heeft bij de gemeente).

 

Bij de aangifte ontvang je een attest voor de verplichte vaccinatie tegen polio en twee getuigschriften. Een daarvan is bestemd voor het kinderbijslagfonds, het andere voor het ziekenfonds. Bezorg deze documenten onmiddellijk aan de bevoegde diensten, want ze worden niet vervangen als je ze verliest!
De informatie over de geboorte van je kind wordt automatisch doorgestuurd naar het gemeentebestuur van jouw woonplaats. Zo kan je daar later de identiteitspapieren van je baby afhalen.

Bij de mutualiteit

Je moet de geboorte van je kind zo snel mogelijk bij je ziekenfonds melden. Dit gebeurt via het getuigschrift dat je bij de aangifte van je baby op het gemeentehuis kreeg en een inschrijvingsformulier van je mutualiteit. De mutualiteit schrijft het kind dan in als persoon ten laste van een van de ouders (gerechtigde), doorgaans wordt de baby ingeschreven bij de oudste ouder.

 

Eens je kind ingeschreven is bij de mutualiteit, ontvang je roze identificatieklevers en een isi+- kaart. Via deze kaart kunnen apothekers, ziekenhuizen en andere zorgverstrekkers online de gegevens van je kind met betrekking tot de ziekteverzekering raadplegen.

 

Als je een moederschapsuitkering geniet en het kind ingeschreven is bij onze mutualiteit, moet je het ziekenfonds ook zo snel mogelijk het geboorteattest of een uittreksel uit de geboorteakte bezorgen om de einddatum van je moederschapsrust te bepalen.

 

Bij het kinderbijslagfonds

Kinderbijslag is een maandelijkse bijdrage in de kosten voor de opvoeding van je kind. Je moet de bijslag zelf aanvragen. Bij de aangifte van de geboorte zal de ambtenaar van de Burgerlijke stand je een attest voor kinderbijslag bezorgen. Normaal gesproken is een van de ouders de rechthebbende, dus degene die het recht op kinderbijslag opent. Meestal is het de vader die dit recht op kinderbijslag opent, maar als het kind daar belang bij heeft, kan het ook de moeder zijn (bvb. als moeder loontrekkende is en vader zelfstandige). De rechthebbende moet altijd een bloedverwant of aanverwant van het kind zijn.

 

Loontrekkenden en werklozen

Bezorg het attest dat je van de gemeenteambtenaar kreeg aan het kinderbijslagfonds van je (laatste) werkgever. Als je nog nooit gewerkt heb, richt je je tot de Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers.

 

Zelfstandigen

Bezorg het attest dat je van de gemeenteambtenaar kreeg aan je sociale verzekeringskas, liefst per aangetekende zending. 

 

In de rubriek Gezinsbijslag vind je meer informatie over de kinderbijslag.

 

Bij je werkgever

Je bent verplicht je werkgever zo snel mogelijk te laten weten dat je kind geboren is. Hiervoor bestaat geen specifiek document.

 

Bij andere instellingen

Trek je een pensioen, uitkering, leefloon of rente? Breng de instelling hiervan dan zo snel mogelijk op de hoogte van de geboorte van je kind.

 

Voornamen kiezen
Als ouder kies je zelf welke voornaam of voornamen je je kind geeft. Voornamen die voor verwarring zorgen of die het kind of iemand anders kunnen schaden (belachelijke of aanstootgevende namen), kan de officier van de Burgerlijke stand weigeren op te nemen in de geboorteakte. Een meisje mag ook geen jongensnaam als eerste voornaam krijgen en omgekeerd. Het aantal voornamen dat je mag geven, is niet onbeperkt.