Geboorteverlof

Printvriendelijke versiePDF-versie

Wat?

De vader of meeouder heeft recht op 10 dagen geboorteverlof. De meeouder is de persoon die op het moment van de geboorte:

  • gehuwd is met de moeder van het kind
  • wettelijk samenwoont met de moeder van het kind op de wettelijke verblijfplaats van het kind
  • drie jaar permanent en op affectieve wijze samenwoont met de moeder van het kind


Opgelet!

  • Als er een wettelijk erkende vader op het geboorteattest staat, dan heeft alleen hij recht op geboorteverlof.
  • Er mag geen bloedband (ouder, grootouder, broer, zus, tante, ...) zijn tussen de moeder van het kind en de meeouder.

 

De 10 dagen geboorteverlof moeten opgenomen worden binnen de 4 maanden na de geboorte, in een keer of in verschillende keren.

Bij de geboorte van een meerling heeft de vader/meeouder slechts één keer recht op de 10 dagen geboorteverlof.

 

Uitkering?

De eerste 3 dagen worden volledig betaald door je werkgever (100 % van het loon). Om recht te hebben op je loon, moet je je werkgever op voorhand inlichten over de bevalling. De 7 overige dagen worden door het ziekenfonds betaald. De uitkering bedraagt 82 % van je brutoloon (begrensd bedrag).


Sinds 1 mei 2019 kan je ook als zelfstandige aanspraak maken op vaderschaps- of geboorteverlof. Je ontvangt dan een begrensd bedrag per dag. Deze vergoeding wordt betaald door je sociale verzekeringsfonds. In gevallen waarin de vader of de samenwonende partner slechts acht dagen of minder dan acht dagen vaderschapsverlof of geboorteverlof neemt, ontvangt hij vijftien gratis dienstencheques die door zijn sociale verzekeringsfonds zijn toegekend. De aanvragen voor vaderschapsverlof of geboorteverlof moeten worden ingediend bij het socialeverzekeringsfonds van de vader of meeouder.

 

 

Procedure

Vul het aanvraagformulier in en stuur het samen met een uittreksel uit de geboorteakte op. 

 

 

OMZETTING VAN MOEDERSCHAPSVERLOF IN GEBOORTEVERLOF
Als de moeder van het kind overlijdt of langer dan 7 dagen na de bevalling in het ziekenhuis verblijft (terwijl de baby het ziekenhuis al verlaten heeft), kan een gedeelte van haar nabevallingsrust omgezet worden in geboorteverlof. De vader of meeouder neemt zo dus de moederschapsrust en de uitkering van de moeder over.

Procedure
Als je werknemer bent, moet je onmiddellijk je werkgever verwittigen. Zo geniet je bescherming tegen ontslag.
Bij je mutualiteit moet je de overdracht aanvragen door een bewijs van het ziekenhuisverblijf of een uittreksel uit de overlijdensakte op te sturen. Daar moet je ook een attest van het ziekenhuis bijvoegen waarop staat dat de pasgebore ontslagen is.

Uitkering
De moeder ligt in het ziekenhuis
De moeder van het kind behoudt haar moederschapsuitkering tijdens het geboorteverlof van de vader of de meeouder.
De vader of de meeouder heeft recht op een uitkering die 60 % van het brutoloon bedraagt (begrensd bedrag).
De moeder is overleden
De eerste maand krijgt de vader of meeouder, naargelang de beroepscategorie, 82% van het niet-begrensde brutoloon of 79,5% van het brutoloon uitbetaald (begrensd bedrag).
Voor de overige dagen bedraagt de uitkering 75% van het brutoloon (begrensd bedrag).

Tot wanneer?
De moeder ligt in het ziekenhuis
Het geboorteverlof loopt af op het einde van het ziekenhuisverblijf van de moeder van het kind. Of uiterlijk op het einde van het deel van de moederschapsrust dat de moeder voor haar ziekenhuisverblijf nog niet opgenomen had.
De moeder is overleden
De duur van het geboorteverlof mag het deel van de nabevallingsrust dat nog niet werd opgenomen door de moeder voor haar overlijden, niet overschrijden.

Wie verwittigen op het einde van het geboorteverlof?
Binnen de 8 dagen na het einde van het geboorteverlof moet de vader/meeouder het ziekenfonds twee documenten bezorgen:
- Een formulier met de datum van de hervatting van het werk of de werkloosheid, ingevuld door de werkgever of werkloosheidsinstelling.
- Een attest van het ziekenhuis met de datum van het ontslag van de moeder uit het ziekenhuis.