Ouderschapsverlof

Printvriendelijke versiePDF-versie

Er bestaan heel wat mogelijkheden om uw werkprestaties tijdelijk te onderbreken of te verminderen om tijd door te brengen met uw kindje.

In de privésector

 

Wie?

De meeste werknemers kunnen een loopbaanonderbreking genieten in het kader van het ouderschapsverlof. Daarvoor moet u in de loop van de 15 maanden voor uw aanvraag minstens 12 maanden een arbeidsovereenkomst met dezelfde werkgever hebben.

 

Het recht op ouderschapsverlof geldt zowel voor de vader als voor de moeder. Voor een meerling wordt het verlof per kind toegestaan en niet per zwangerschap. Elk kind geeft dus recht op ouderschapsverlof.

 

Wanneer?

Ouderschapsverlof kan genomen worden vanaf de geboorte of adoptie van het kind tot zijn 12e verjaardag.

 

Hoelang?

U hebt drie manieren om het ouderschapsverlof op te nemen, u mag de systemen ook combineren:

 

Volledig stoppen met werken

Of u voltijds of deeltijds werkt, speelt geen rol. U kunt gedurende 4 maanden volledig stoppen met werken. U mag die 4 maanden ook opslitsen in periodes van een maand, of een veelvoud daarvan.

 

Halftijds stoppen met werken

Als u voltijds werkt, kunt u gedurende 8 maanden zonder onderbreking halftijds werken. Die 8 maanden kunt u ook verdelen over periodes van 2 maanden, of een veelvoud daarvan.

 

Eén vijfde minder werken

Als u voltijds werkt, kunt u uw prestaties met één vijfde verminderen gedurende een periode van 20 maanden. Deze periode mag u ook opsplitsen in stukken van 5 maanden, of een veelvoud daarvan.

 

U kunt de 3 systemen combineren. Hou daarbij wel rekening met volgend principe: 1 maand volledig stoppen = 2 maanden halftijds stoppen = 5 maanden 1/5e minder werken.

 

Wat moet ik doen?

Werkgever

U moet uw werkgever 3 maanden op voorhand verwittigen. U kunt met uw werkgever afspreken om die termijn in te korten. Stuur hem een aangetekende brief, of geef hem een gewone brief en laat hem een kopie daarvan voor ontvangst ondertekenen. In de brief moet u vermelden welk type ouderschapsverlof u wenst te nemen en geeft u de begin- en einddatum van het ouderschapsverlof op. Voor de start van uw ouderschapsverlof moet u uw werkgever ook een bewijs van de geboorte of adoptie geven, bvb. een uittreksel uit de geboorteakte of een inschrijvingsattest in het bevolkings- of vreemdelingenregister en een adoptieattest.

 

U moet telkens een nieuwe aanvraag indienen voor elke ononderbroken periode van ouderschapsverlof. In principe kan de werkgever het verlof niet weigeren.

 

Hij kan het wel maximaal 6 maanden uitstellen als dat nodig is voor de goede werking van het bedrijf. Hij laat dat schriftelijk weten binnen de maand na de aanvraag.

 

RVA

Om een uitkering te krijgen, moet u ze binnen 2 maanden na de dag waarop het verlof begon bij de RVA aanvragen.

 

Bescherming tegen ontslag

Vanaf de dag van de aanvraag tot 3 maanden na afloop van het ouderschapsverlof, geniet de aanvrager een speciale bescherming tegen ontslag.

 

Welk bedrag?

Voor de periode waarin de arbeidsovereenkomst geschorst is (geheel of gedeeltelijk), betaalt de werkgever geen loon. U ontvangt dan een uitkering van de RVA

 

U stopt helemaal met werken (volledige schorsing)

Voltijdse werkkrachten hebben recht op een uitkering van 818,56 euro bruto per maand (bedrag op 1 juni 2017). Deeltijdse werkkrachten krijgen per maand een deel van dit bedrag, naargelang de duur van hun normale arbeidsprestaties.

 

U werkt minder (beperking van de prestaties)

Werkt u tijdelijk halftijds, dan hebt u recht op een uitkering van 409,27 euro bruto per maand. Beperkt u uw arbeidsprestatie met één vijfde, dan ontvangt u maandelijks een uitkering van 138,84 euro bruto of 186,71 euro bruto als u als alleenstaande werknemer uitsluitend samenwoont met één of meer kinderen ten laste (bedragen op 1 juni 2016).

 

Je kunt ook bij de RVA terecht voor meer informatie en de hoogte van de uitkering.

 

Bij de overheid

Een algemene regeling voor de overheidsdiensten is er niet. Elk bestuursniveau (federale overheid, gewestelijke, provinciale en plaatselijke besturen) en elk gewest (Vlaanderen, Brussel, Wallonië) heeft zijn eigen regels. Er bestaan ook verschillen tussen de diverse statuten. Bevraag u bij de instelling zelf.